HILVERSUM – Heeft de Hilversumse gemeenteraad niets beters te doen? Je zou het haast denken, met deze jongste traditie, in de raad van 28 januari in het leven geroepen door raadsleden Durlacher en Redmeijer: het in stemming brengen van nieuwe raads- en commissieleden, met de optie die laatste categorie ‘assistent-volksvertegenwoordigers’ zonder opgaaf van reden te weigeren. Wat betekent dat voor onze democratie?
Voor wie het heeft gemist, lees eerst even hoe het door OpStand.nu voorgedragen commissielid Henk Blok (82 jaar, oud-gemeenteraadslid, ex-HvH) eind januari 2026 zonder opgaaf van reden de toegang werd ontzegd. Niet welkom, ondanks verdiensten zoals de befaamde motie Blok-Van Roden, bedoeld om de financiële risico’s voor de gemeente te beperken.
Een verlate wraakactie, leert wat speurwerk, vanwege partijperikelen van lang geleden. Hoewel de stemming geheim was, vrijwel zeker, gelukkig niet gesteund door de gehele HvH-fractie, met als ‘aangename’ en vooral dankbare bijvangst voor de inmiddels wat sneue eenmansfractie PvdA (‘politicus van het jaar’ Kees Bakker, rechterhand van de autoritaire wethouder Jacqueline Kalk) dat OpStand.nu geen fractieversterking kreeg. Meer nog dan dat was het een actie met ongekende precedentwerking, want uniek in de na-oorlogse Nederlandse parlementaire gemeentegeschiedenis.
Aan het wegstemmen van de heer Blok ging een andere, minstens zo surrealistische stemming vooraf, over beoogd raadslid Haidar al Ibrahim, al voor zijn toelating afgesplitst van GroenLinks. Deze zinloze – want bij een negatieve uitslag onwettige – stemming was op voorspraak van de nota bene zelf afgescheiden ex-BVNL’er Fréderique Durlacher. De politieke kleur van Durlacher en haar mogelijke motieven om de van oorsprong Syrische Al Ibrahim een hak te willen zetten, weerhielden GroenLinks en PvdA (en nog enkele ‘democraten’) niet om haar te volgen. Politiek is soms ‘ondoorgrondelijk’… om termen als hypocriet, laf en duister maar niet te hoeven gebruiken.
Democratie in diskrediet
Wat doe je ertegen, als eenmansfractie die ook nog eens door sommigen van ‘zetelroof’ wordt beschuldigd? Alle reglementen en wetboeken uitpluizen en deskundigen raadplegen is één stap; getuigen horen om te snappen wat hier (óók) speelde, behalve partijwraak op ondergetekende is twee. Spoiler: dat bleek vooral een afgedane, interne partijzaak van acht jaar geleden. Ook rancune dus. Maar hoe zit het met de rol van de burgemeester als voorzitter van de raad en hoeder van ons aller integriteit? En de griffier? Dat zijn voor de hand liggende vragen.
Helaas leverde een eerste gesprek met beide laatstgenoemden weinig op, behalve de erkenning dat het er niet fraai uit had gezien. Een understatement. Ook wie niet in de politiek actief is, snapt wat het betekent als een meerderheid bepaalt of een (kleine) partij zich door een commissielid (ook wel burgerlid, lijstopvolger of fractieassistent geheten) mag laten bijstaan. Dat komt er feitelijk op neer dat kleine fracties zonder opgaaf van reden worden achtergesteld, ongelijk behandeld en onmogelijk gemaakt om aan alle commissievergaderingen deel te nemen.
Dat laatste geldt in elk geval voor eenmansfracties, waarvan de Hilversumse raad er op dit moment maar liefst zeven telt. Ja, dat zijn er veel en dat zegt iets over de bestuurscultuur in Hilversum en het functioneren van fracties en afdelingsbesturen. Dat kan onhandig zijn, zoveel fracties. Maar dat legitimeert nog geen pogingen om kleine raadsleden van kleine (eenmans-)fracties in de uitoefening van hun volksvertegenwoordiging te hinderen.
Gemeentewet
82.3 – Bij de samenstelling van een raadscommissie zorgt de raad, voor zover het de benoeming betreft van leden van de raad, voor een evenwichtige vertegenwoordiging van de in de raad vertegenwoordigde groeperingen.
Reglement van Orde Gemeente Hilversum
Artikel 28 – Samenstelling raadscommissies
2. De commissieleden worden door de raad op voordracht van de fracties benoemd. Iedere fractie mag bij de voorzitter van de raad ten hoogste vier personen voordragen om als commissielid te worden benoemd door de raad.
3. Iedere fractie mag bij de voorzitter van de raad ten hoogste vier personen voordragen om als commissielid te worden benoemd door de raad. De griffie verspreidt de aanmelding.
4. Op commissieleden, die door een fractie worden afgevaardigd om in de raadscommissie het woord te voeren, zijn de artikelen 10, 11, 12, 13, 14, 15 en 28 van de wet van overeenkomstige toepassing.
De artikelen waar in het vierde lid naar wordt verwezen gaan over de toelating van raadsleden. De VNG (Vereniging van Nederlandse Gemeenten) adviseert in haar Modelverordening op de Raadscommissie:
3. Zowel raadsleden als niet-raadsleden kunnen lid zijn. De artikelen 10, 11, 12 en 13 van de wet zijn van overeenkomstige toepassing op commissieleden die geen raadslid zijn.
Hiermee suggereert ook de VNG dat voor het benoemen van commissieleden dezelfde regels voor benoeming zouden moeten gelden. Het argument dat commissieleden geen raadsleden zijn, gaat mijns inziens niet automatisch op. De Provincie-, Gemeente- en Kieswet noemt een ‘limitatieve’ hoeveelheid gevallen waarin het lidmaatschap de gemeenteraad vervalt, zoals ingezetenschap of ontzetting uit het kiesrecht. Met andere woorden, ook een commissielid kan in dat geval niet zomaar de toegang worden geweigerd.
Ook een niet-jurist kan zich allicht iets voorstellen bij het ‘foute’ van het zonder opgaaf van reden, ongemotiveerd diskwalificeren van een voorgedragen commissielid, nota bene een oud-gemeenteraadslid en in de vorige periode toegelaten lid van de financiële audit- en rekeningencommissie (ARC). Dit nog los van de persoonlijke gevolgen.
Gezien de verstrekkende consequenties van deze zaak, ben ik vastbesloten dit niet te laten voor wat het is. Hilversum verdient beter, de Nederlandse parlementaire democratie verdient beter in toch al roerige tijden. Daarbij was ik als fractievoorzitter van OpStand.nu en degene die de heer Blok had voorgedragen totaal van mijn stuk gebracht toen een en ander zich op 28 januari voltrok. De burgemeester achtte een korte schorsing noch een uitnodiging aan mijn adres om te reageren noodzakelijk.
En dus was de eerste raadsvergadering daarna de plek om hier en plein public iets mee te doen, vooral om de raad bewust te maken van zijn collectieve verantwoordelijkheid in het beschermen van onze democratie. Dit met de nodige excuses vooraf aan het toe te laten VVD-raadslid Tim Muskee en beide voorgedragen SP-commissieleden Grob en Van der Velden. Want om hen persoonlijk ging dit natuurlijk niet. Zij werden dan ook met zo goed als algemene stemmen (op een enkele onthouding na) welkom geheten. Hieronder mijn toespraken:
Bij de toelating van raadslid Muskee
Welkom in onze raad meneer Muskee. Ik zeg dit maar vast om alle kou jegens u meteen uit de lucht te halen. Althans wat mijzelf betreft. Waarom ik dan toch stemming over uw toelating als raadslid heb aangevraagd heeft dan ook niets met u van doen, noch met uw fractie. Maar u bent hiermee wel gewaarschuwd. Weet waar u aan begint. Het recht om te stemmen over wat normaal gesproken een hamerstuk moet zijn, namelijk het toelaten van een nieuw raadslid, kan in deze raad zomaar worden ingezet om een rekening te vereffenen, een aspirant collega bijvoorbaat te besmeuren, te laten weten wie welkom is in ons midden en wie niet. Dit zogenaamde recht om over de toelating van een raadslid te stemmen – ook al is de uitslag irrelevant – blijkt handig om de verantwoordelijkheid van een partij bij het opstellen van de kieslijst te verhullen. In uw geval ga ik er graag van uit dat uw partij haar werk gewetensvol heeft uitgevoerd en zich niet door electoraal gewin heeft laten leiden, maar al zou dat wel zo zijn dan is dat nog altijd een zaak van de partij en niet van ons als raad. Daarbij heeft u het geloofsbrievenonderzoek glansrijk doorstaan, dus is er simpelweg geen grond om u te weigeren noch om twijfel te zaaien over de rechtmatigheid van uw toelating. Ik wens u veel succes.
Bij de benoeming van commissieleden Grob en Van der Velden
Wie er vorige keer bij was, beseft – wellicht met enige, al dan niet plaatsvervangende schaamte – waarom ik om stemming heb gevraagd voor de benoeming van de SP-commissieleden Grob en Van der Velden. Ook naar hen toe alvast een geruststelling. Dit gaat niet over u persoonlijk en ook niet over de SP, die ik als politieke partij een zeer warm hart toedraag. Ook wat deze voordrachten betreft, ga ik ervan uit dat de SP en de griffie hun huiswerk hebben gedaan en u beiden voldoet aan artikel 28 van ons eigen Reglement van Orde en daarmee aan de vereisten om uw fractie als commissielid te komen versterken. Zoals mijn kandidaat dat overigens ook deed. Deze toespraak richt zich ook niet tot de kandidaten maar tot de raad en zijn voorzitter.
Het ontbreken van wettelijke bezwaren is hier namelijk geen garantie. Het kan zomaar zijn dat iemand u of uw partij iets nadraagt. Oude vetes kunnen opspelen, als zombies in een slechte horrorfilm. Het kan ook zijn dat de meerderheid een kleine, dissidente luis in de pels geen versterking gunt. Dat dit u nu naar alle waarschijnlijk niet te wachten staat, is evenzeer een schrale troost als een geruststelling. Het ongemotiveerd in stemming brengen van kandidaat commissieleden is tricky business, voor wie de democratie koestert.
Zorg om onze tere democratie brachten mij er in januari toe een eigen oproep als OpStand op uw vergadertafels te leggen om de Februaristaking te herdenken, met het appèl om niet slechts te herdenken maar oog te hebben voor wat ons opnieuw bedreigt. Ik gebruikte daarvoor een commentaar van Amerika-correspondent Michael Persson op Trump en het normaliseren van fascisme, met als symbolische gift een fluitje, zoals dat door christenen in de VS wordt gebruikt om immigranten voor ICE-razzia’s te waarschuwen.
De raad en zijn voorzitter lieten mijn oproep voor wat ze was. Ze sneeuwde onder in een rumoer, waar ik van te voren niet op had gerekend. Was mijn oproep te confronterend, ongepast? Ongetwijfeld net zo ongepast als het vandaag in stemming brengen van twee commissieleden, die enthousiast aan iets hopen te beginnen waarvan ik alleen maar kan wensen dat ze niet net zo teleurgesteld raken als ik. Aan mij zal het niet liggen. Mijn stem hebt u beiden en ik verheug mij op onze samenwerking. Daar heb ik als democraat geen geheime stemming voor nodig.
Ten slotte, mij is opgevallen hoevelen in deze raad, ter rechter- en linkerzijde God menen te moeten aanspreken om trouw aan de wet te beloven. Hoewel van geen enkele kerk, moskee of synagoge kan ik grote literaire waardering opbrengen voor de Bijbel, zeker voor het boek Mattheus. Met enige aarzeling, want zo bijbelvast en eloquent als de heer Ekelmans ben ik zeker niet, waag ik mij toch aan een kort citaat. Ook zult u het zonder Gerards relativeringsvermogen moeten doen. Uit Mattheus 12: ‘Een ieder koninkrijk dat tegen zichzelf verdeeld is, wordt verwoest; en een iedere stad of huis dat tegen zichzelf verdeeld is, zal niet bestaan.’ Ook Mattheus 23 bevat helaas een toepasselijke waarschuwing.
Mijn oproep aan de raad, zijn voorzitter en ons presidium is om het soort vertoningen als eind januari onnodig te maken, want ze bewijzen onze gemeente geen dienst en ondermijnen onze prachtige democratie en op termijn zelfs onze rechtstaat.
Joop Lahaise, fractievoorzitter OpStand.nu
NASCHRIFT: Niet voor het eerst menen collega raadsleden mij te kunnen dwingen om wijzigingen in bovenstaande tekst aan te brengen. Na telefonisch overleg met een van de betrokkenen heb ik twee namen uit de oorspronkelijke tekst geschrapt, dit ondanks het onweerlegbare feit dat een van beide betrokkenen een sleutelrol heeft gespeeld in het in diskrediet brengen van de heer Blok. Van de ander neem ik aan dat hij niet dezelfde intentie had. Vandaar deze milde ‘zelfcensuur’.

