HILVERSUM – Betaald parkeren kan irritant zijn maar veel bewoners van de krappere Hilversums woonwijken zijn er wat blij mee. Fractie Lahaise blijft uitbreiding van het betaald parkeren steunen, zoals vrijwel alle partijen in de gemeenteraad, van links tot rechts. De uitvoering moet wel redelijk zijn én eerlijk. Veel van de kritiek op het huidige beleid
Het leek afgelopen jaar over weinig anders te gaan dan over betaald parkeren. Hilversum was in rep en roer. Vooral critici lieten van zich horen. Ook de mailbox van dit raadslid vulde zich met ongeruste verhalen, soms vol ongeloof. ‘Omdat ik een smalle oprit heb, waar een gewone middenklasser amper in past, krijg ik geen parkeervergunning. Terwijl er plek zat is in de straat.’ Of neem bewoners van de Zeverijnflat. Altijd vlakbij huis gratis op straat mogen staan en dan nu gedwongen een plek op het parkeerdek van de flat huren. Dat kan niet iedereen betalen, als die plek er al zou zijn.
Wat doet de gemeente ons aan? We hoorden het dagelijks. Bepaalde groepen, zoals ouderen die niet digitaal vaardig genoeg, informele mantelzorgers en gehandicapten, wisten zich extra gedupeerd. Soms repareerde het college de fouten zelf, vaker moest de raad eraan te pas komen. De burgemeester had in een interview bewoners getipt: wie problemen met het parkeerbeleid moet bij de raad zijn. Alleen luistert het college niet altijd naar de raad, zo liet ook dit gevoelig dossier zien. En dat draagt niet bij aan de acceptatie van het betaald parkeren.
Fractie Lahaise is als afsplitsing van de PvdA nog steeds voor een groener, schoner, gezonder en veiliger Hilversum maar is géén autohater. Ook matig ik mij geen oordeel aan over wie een auto nodig heeft of niet. Ook voor wie de auto niet per se noodzakelijk lijkt, biedt autobezit bewegingsvrijheid. Niet iedereen kan met het openbaar vervoer uit de voeten, of is geholpen met een abonnement op een deelauto of -scooter. Met een vergrijzende bevolking betekent de auto voor veel ouderen behoud van hun zelfstandigheid. Fractie Lahaise staat voor parkeeroplossingen in plaats van ‘autootje pesten’.
De ene Hilversummer is de andere niet
Een van de pijlers van het betaald parkeren is het niet zomaar afgeven van een forenzenvergunning. Dat is een parkeervergunning voor wie hier niet woont maar alleen werkt en liefst per auto naar Hilversum komt. Mobiliteitsonderzoek van de gemeente laat zien dat er sprake is van een mismatch: relatief veel Hilversummers vertrekken ’s ochtends vanuit hun woonplaats naar werk elders én andersom. Met de nodige bedrijvigheid trekt Hilversum veel forenzenverkeer. Aanwonenden van de Joh. Geradtsweg en Diependaalselaan kunnen daarover meepraten.
Het ontmoedigen van forenzenverkeer via het parkeerbeleid lijkt best logisch. Betaald parkeren zou ook het forenzenverkeer kunnen indammen. Dat veroorzaakt een flink deel van de dagelijkse files, terwijl Hilversum gezegend is met maar liefst drie treinstations. Wethouder Bart Heller over zijn parkeerbeleid: ‘Doel is om vermijdbaar autogebruik (daar waar een reëel alternatief voorhanden is) te beperken om ruimte te geven aan onvermijdbaar autogebruik (geen rëeel alternatief).’ Klinkt logisch. Alleen de meest fanatieke, kinderloze petrol- of Tesla-head zal het daar niet mee eens zijn. Maar hoe consequent is onze GroenLinks-wethouder? In Hilversum lijkt George Orwell’s principe op te gaan dat alle dieren gelijk zijn, maar sommige meer gelijk dan andere.

Tot mijn verbijstering lazen we in De Gooi- en Eemlander dat de ICT-bedrijf DeLorentz&Partners in de Borneolaan extra parkeervergunningen heeft gekregen, nadat het bedrijf zich in de pers en bij de gemeente over het parkeerbeleid had beklaagd. Volgens de parkeerregels heeft D&P recht op één forenzenvergunning voor personeel. Eigenaar/directeur André van Dam berekent dat het hem jaarlijks ruim €67.000 euro zou kosten om zijn medewerkers te laten parkeren. Dat is stevig balen. Van de 36 medewerkers komen er zo’n achttien met de auto, hoewel het kantoor van D&P op een hooguit een kwartiertje lopen van station Hilversum of Mediapark verwijderd ligt.
Voor alle ondernemers en organisaties gelden dezelfde regels, zo liet de gemeente ondernemer Van Dam in maart nog weten. Toch werd D&P uitgenodigd voor een gesprek met wethouder Edwin Göbbels, die tijdelijk parkeerwethouder Heller verving. Die bleek toch meer van het Orwelliaanse principe, ondanks het amper een maand geleden wegstemmen van een D66-motie die het college meer ‘discretionaire bevoegdheid’ gunde, oftewel het recht op ‘maatwerk’, of zoals sommigen menen: willekeur.
DeLorentz&Partners krijgt tot 1 juli 2026 vijftien forenzenvergunningen. Daar betaalt D&P €6.000 voor. Dat is een stuk minder dan de €67.000 euro die het bedrijf eerder van zijn winst dacht te moeten aftrekken. De hamvraag: wat betekent dit voor andere ondernemers in het betaaldparkeergebied? En schoffelt deze uitzondering niet een van de belangrijkste pijlers van het parkeerbeleid onderuit? We vroegen het parkeerwethouder Bart Heller (weer in functie) via onderstaande schriftelijke vragen.

Fractie Lahaise vindt dat het Hilversumse parkeerbeleid aan alle kanten rammelt, voor wat betreft de uitvoering. De communicatie is waardeloos, waarbij – typisch Hilversum – sommige wijken beter worden bediend dan andere. Ondanks een toezegging van ruim een half jaar geleden wacht Oost nog steeds op onderborden met de naam van het vergunningsgebied (zoals wel in het Raadhuis-kwartier) en blijft het zoeken naar de parkeerautomaat op Seinhorst. De gemeente blijft kennelijk bij het idee dat iedereen een smartphone met parkeer-app heeft.

Er is meer ongelijkheid. Wie bijvoorbeeld ten westen van het spoor, in Zuid of de parkeerzone Raadhuis woont, mag met zijn bewonersvergunning in een groot deel van Hilversum parkeren. Oosterlingen ervaren als altijd het spoor als barrière, zoals bovenstaande kaart laat zien.
Wie volgens de gemeente niet op straat hoeft te parkeren omdat er sprake is van ‘parkeren op eigen terrein’ (POET) krijgt geen bewonersvergunning. Menig Hilversum is daarmee gedupeerd, alleen al omdat ‘eigen terrein’ vaak geen eigen terrein is maar moet worden gehuurd. Dit creëert een vreemd soort ongelijkheid waar men lang niet altijd voor heeft kunnen kiezen. Fractie Lahaise heeft geen probleem met de zogeheten GROP-complexen. Dat zijn appartementcomplexen (koop en huur) waar bewoners van meet af aan wisten dat ze geen parkeervergunning konden krijgen.
Wie onder POET valt, ondervindt nog een nadeel. Terwijl de buurman met zijn bewonersvergunning gratis bij het winkelcentrum in de eigen wijk of een naastgelegen zone kan parkeren, moet hij per uur afrekenen. Volgens de wethouder is dat prima, want hij hoopt zo het autogebruik binnen de gemeente te dempen. Of dat effect hiermee wordt bereikt, is zeer de vraag. Vooralsnog is alleen de ongelijke behandeling een feit.
Een voorstel om het POET-beleid te wijzigen stuitte op een onverbiddelijk ‘njet’ van de wethouder en een meerderheid van de raad, inclusief ‘autopartijen’ VVD, CDA en Hart voor Hilversum.
Het toch indienen van de motie markeerde de scheuring tussen ondergetekende en de rest van de PvdA-fractie, onder druk van wethouder Jacqueline Kalk.